maandag, 31 augustus 2015 02:00

Weerquiz

Beoordeel dit item
(6 stemmen)

Waarom / doel van de activiteit

Welpen leren over het weer en alles wat daarmee te maken heeft/daaraan gerelateerd is. Deze quiz kan gebruikt worden bij het vaardigheidsinsigne weer voor welpen. Opdracht 6.

Beschrijving van de activiteit

Deze quiz over weer en weersverschijnselen kun je op verschillende manieren spelen. Als actief ren je rot spel, als postenspel of gewoon op een regenachtige dag lekker in het clublokaal met groepjes.

Vragen:

1. Een regenboog ontstaat wanneer er eigenlijk twee soorten ‘weer’ tegelijk zijn. Welke twee soorten weer moet je hebben om een regenboog te krijgen?
A. Regen en sneeuw.
B. Regen en zon.
C. Zon en wind.

2. Bij hoeveel graden vriest het?
A. 0 graden.
B. 5 graden onder nul.
C. 10 graden.

3. Hoe heet iemand die het weer voorspelt?
A. Weerman.
B. Weervoorspeller.
C. Meteoroloog.
(Dit zal voor veel welpen wellicht een instinker zijn, een meteoroloog kan wel bekend worden bij de mensen doordat hij/zij ook op televisie als weerman/weervrouw optreedt. Maar diegene die het weer presenteert, daarvan wil niet zeggen dat hij/zij ook het weer voorspelt heeft. Dat doet de meteoroloog).

4. Waar is de zon als het bij ons nacht is?
A. Hij slaapt.
B. Hij schijnt aan de andere kant van de wereldbol.
C. Hij is wel bij ons, maar je ziet hem niet.

5. Regen ontstaat in wolken. Maar wat voor soort neerslag krijg je als het in de wolken -12 graden is?
A. Sneeuw.
B. Hagel.
C. Koude regen.
(Voor hagel moet het in de wolken -20 graden zijn).

6. (Laat de welpen een grote windroos zien en stel vervolgens de vraag en wijs de windrichting aan). De wind komt in Nederland vaak uit het zuid-westen. Als jij op je fiets zit, naar welke richting word je dan geblazen?
A. Westen.
B. Zuid-westen.
C. Noord-oosten.

7. Vanaf welke kant komt de zon op?
A. Oosten.
B. Zuiden.
C. Westen.

8. Door gebruik te maken van het weer kan er ook energie opgewekt worden. Hoe wordt er energie gehaald uit de wind?
A. Door zonnepanelen op het dak.
B. Door grote molens in open veld.
C. Er wordt helemaal geen energie gehaald uit wind.

9. Maagd, vissen, steenbok, ram en tweelingen zijn…
A. Planeten.
B. Sterrenbeelden.
C. Soorten regen.

10. Het sterrenbeeld de grote beer heeft een bijnaam, welke naam is dat?
A. Bruine beer.
B. Sterrenbeer.
C. Steelpannetje.

11. Onweer bestaat uit twee onderdelen: licht en geluid. Maar zie je de onweer eerst? Of hoor je de onweer het eerst?
A. Je hoort de onweer eerst, daarna zie je hem pas.
B. Je ziet onweer eerst, daarna hoor je het pas.
C. Licht en geluid komt tegelijk.
(Je ziet altijd eerst de flits en een aantal tellen later hoor je pas de donder).

12. Waarmee meten we de temperatuur?
A. Met een thermometer.
B. Met een windvaan.
C. Met een regenmeter.

13. In spreekwoorden en gezegden komt ook vaak het weer voor. Maak het volgende spreekwoord af.
Het regent..
A. katten en honden.
B. tot in de laarzen.
C. pijpenstelen.

14. In spreekwoorden en gezegden komt ook vaak het weer voor. Maak het volgende spreekwoord af.
Het gaat hem voor…
A. de wind.
B. de bliksem.
C. de mist.

15. In spreekwoorden en gezegden komt ook vaak het weer voor. Maak het volgende spreekwoord af.
Na regen komt…
A. altijd nog meer regen.
B. zonneschijn.
C. onweer.

16. Als er veel mist is zie je niks. Maar wat is mist eigenlijk?
A. Een wolk die naar beneden gevallen is.
B. Uitlaatgassen van auto’s. 
C. Waterdruppeltjes die in de lucht zweven.

17. De maan kunnen wij zien omdat de zon er op schijnt, maar af en toe kunnen we de maan niet zien omdat de maan, aarde en zon op één lijn zitten. Hoe noemen we dit, als je de maan niet kunt zien?
A. Maansverduistering.
B. Zonsverduistering.
C. Maanverdwijning.

18. Wat is eigenlijk een goede omschrijving van het woord weer?
A. De gesteldheid van de atmosfeer op dat ogenblik.
B. De aangenaamheid van buiten zijn.
C. Aanwezigheid van wolken of zonneschijn.

19. In welke maand van het jaar regent het het meeste in Nederland?
A. Januari.
B. Oktober.
C. April.
(In de zomer valt de meeste regen, omdat er dan vaak grotere buien zijn).

20. Het wordt steeds warmer in Nederland. Hierdoor vriest het minder en kunnen we minder schaatsen. De Elfstedentocht is een beroemde 200 km lange tocht in Friesland. In welk jaar is deze tocht voor het laatst gereden?
A. 2002.
B. 1997.
C. 1985.

Voorbereidingstijd

Afhankelijk van de vorm van de quiz moet je nog voor de juiste aankleding zorgen.

Benodigd materiaal

  • Eventueel bordjes voor ren-je-rot-spel.
  • Quizvragen (zie hierboven).

Tips

  • Deze quiz is met name geschikt voor iets oudere welpen.
  • Je kunt deze quiz uiteraard nog aanvullen met leuke andere vragen over het weer en weersverschijnselen.
  • Deze vragen zijn ook goed te gebruiken als vragen onderweg tijdens een speurtocht. Dan kunnen ze er rustig over nadenken.
  • Deze quiz is onderdeel van opdracht 6 van het insigne weer voor welpen.
Lees 11171 keer Laatst aangepast op maandag, 24 augustus 2020 20:25
Log in om reacties te plaatsen

Mijn Scouting

Mijn Scouting-login vergeten of aanvragen

Activiteitengebied

BuitenlevenSport & Spel

Duur

5-15 min15-30 min30 min - 1 uur

Groepsgrootte

1-8 personen8-15 personen15 of meer

Leeftijdsgroep

7-11 welpen

Locatie

BinnenBuiten