Waarom / doel van de activiteit
Strijd met je subgroep in een winterse spelcarrousel met langlaufen, curling, skeleton en sokkenschaatsen.
Beschrijving van de activiteit
Zet vier winterse sportposten klaar. De deelnemers draaien in nesten of ploegen langs de posten en verzamelen per onderdeel punten. Spreek vooraf af hoe lang elk spel duurt, bijvoorbeeld vijf tot tien minuten per post. Tel aan het einde alle punten bij elkaar op en benoem het winnende team tot winterkampioen.
Spel 1: Langlaufen
Langlaufend op latten met het hele nest (indien mogelijk) een parcours afleggen met een bekertje water die naar de overkant gebracht moet worden. Binnen een bepaalde tijd moeten ze de emmer aan de overkant zo vol mogelijk krijgen.
Spel 2: Curling
Curling op zeepzeil. Met schrobbers moeten de kinderen een hockeypuck zo ver mogelijk op het zeil krijgen in een eventueel doel (wat op het zeil getekend wordt). Ze hebben drie kansen om zo ver mogelijk op het zeil te komen.
Spel 3: Skeleton
Skeleton (solo bobsleeën) op een zeepzeil. De bedoeling is dat ze met een matje (of ander voorwerp waar ze op kunnen zitten) de overkant halen. Ze mogen drie keer proberen.
Spel 4: Sokkenschaatsen
Schaatsen met wollige bedsokken. Dit spel kan op een zeil worden uitgevoerd of in een zaal met een gladde vloer. Ze moeten al schaatsen een zakdoek (of das!) bij de ander uit de broekzak trekken. (denk aan kat en muis tikkertje)
Spel 5: Biatlon
De deelnemers leggen eerst een kort parcours af, bijvoorbeeld rennend of hinkelend. Daarna komen ze bij de schietpost. Daar proberen ze met zachte ballen doelen om te gooien of in emmers te mikken. Voor elk raak doel krijgen ze punten. Mist een deelnemer? Dan loopt die een kort strafrondje voordat de volgende deelnemer mag starten.
Themaintroductie welpen
Op de Khaali Jagah vlakte organiseert Rikki Tikki Tavi een snelle winterwedstrijd voor de hele jungle. De welpen willen natuurlijk meteen meedoen, maar ontdeken al snel dat je bij langlaufen, curling, skeleton en sokkenschaatsen niet alleen snel, maar ook handig en voorzichtig moet zijn.
Benodigd materiaal
Algemeen
- Scoreformulieren of scorekaarten
- Pennen
- Fluitje of ander startsignaal
- Stopwatch of timer
Voor spel 1: Langlaufen
- Langlauflatten, brede planken of oude ski’s
- Bekertjes
- Water
- Emmers
- Pionnen voor het parcours
Voor spel 2: Curling
- Glad zeil
- Hockeypuck
- Schrobbers
Voor spel 3: Skeleton
- Glad zeil
- Jutte zakken of andere zachte glijvoorwerpen
Voor spel 4: Sokkenschaatsen
- Dikke bedsokken
- Scoutingdassen of zakdoeken
- Glad zeil of een gladde vloer
Voor spel 5: Biatlon
- Zachte ballen
- Emmers, pionnen of omvalbare doelen
- Pionnen voor het parcours
Veiligheid
- Laat deelnemers bij het langlaufen rustig samenwerken. Het gaat om zoveel mogelijk water overbrengen, niet om zo snel mogelijk rennen.
- Spreek bij het sokkenschaatsen af dat duwen, trekken aan kleding en expres botsen niet mag.
Tips
- Gebruik voor de winterse sportposten gerust alternatief materiaal: oude ski’s of planken voor langlaufen, een pittenzakje of houten schijf voor curling, een gymmatje of jute zak voor skeleton en dikke sokken of gladde doeken voor sokkenschaatsen.
- Speel de carrousel binnen in een zaal of buiten op een plein, afhankelijk van het weer en de beschikbare ruimte.
- Laat de winnende subgroep een kleine feestelijke ceremonie ontvangen met hun yell en eventueel een klein prijsje.
- Welke winterse spelen hebben jullie aan het sportcarrousel toegevoegd? Laat het hieronder weten in de reacties.
- Wil je niet alleen losse winterse spellen spelen, maar met oudere jeugdleden een groter sportevenement organiseren met draaiboek, begeleiding en eventueel publiek, kies dan voor Winterspelen-sportevenement.








