Waarom / doel van de activiteit
Oefen met een nagebouwde vaarroute in een verduisterd scoutslokaal hoe je ’s nachts schepen, havens en vaarmarkeringen herkent aan hun lichten.
Beschrijving van de activiteit
Maak van blauwe doeken een vaarroute in het scoutslokaal en zet daar speelgoedbootjes en andere herkenningspunten langs. Doe in elk jampotje een theelichtje en maak met gekleurde stof of vloeipapier witte, rode en groene lichten. Gebruik deze lichten als boordverlichting, havenlichten, verlichte betonning of andere navigatielichten.
Bespreek eerst kort met de scouts wat de verschillende lichten betekenen. Gebruik daarbij bijvoorbeeld het BPR of ander naslagwerk. Verduister daarna het lokaal.
Laat de scouts de route ‘varen’ en onderweg noteren welke schepen, lichten en vaarmarkeringen ze tegenkomen. Laat ze daarbij vragen beantwoorden zoals: wie heeft voorrang, waar is de haveningang en welke koers volg je bij stroming?
Laat de scouts eventueel in ploegen varen en geef iedere ploeg extra opdrachten of situaties mee, zoals een tegenligger, een sleper of een zeilboot zonder motor.
Benodigd materiaal
- Theelichtjes
- Jampotjes
- Dunne gekleurde stof of vloeipapier
- Speelgoedbootjes
- Blauwe lange doeken
- Pen en papier
- Naslagwerk zoals BPR
Veiligheid
- Gebruik voor de brandveiligheid led-theelichtjes in plaats van echte theelichtjes.
Tips
- Begin met een eenvoudige route en voeg daarna extra schepen, lichten of situaties toe.
- Deze activiteit is te gebruiken voor het oefenen (van onderdelen van de) WSA eisen.
|
|












